Wespen, vlinders of hommels zijn belangrijke bestuivers

De aanwezigheid van wespen of vlinders is opvallend is opvallend in het vroege voorjaar. Het zachte voorjaar heeft al veel insectensoorten ontwaakt en ook de vruchtbomen zijn drie weken vroeger met de bloesem dan tien jaar terug. Het klimaat verandert en de natuur probeert zich er op aan te passen. Zo is de wesp te zien op bloemen, maar ook op het onbewerkte hout van tuinmeubilair of ander blank hout. Ze knagen daar houtvezels af die ze gebruiken voor hun nest. Ook zoeken ze al naar voedsel als kleine insecten. Zo eten ze schadelijke bladluizen, die anders de bladeren van groente, bloemen of bomen aanprikken en de sapstroom opzuigen. Wespen kunnen dus ook nuttig zijn omdat ze voor de bestuiving van bloemen en vruchtbomen zorgen en schadelijke insecten opeten.

Insecten zijn belangrijk voor de bestuiving van vruchtbomen

Imkers zetten soms hun bijenkasten op plekken waar veel wilde bloemen zijn te vinden zoals op de heide, maar ook bij cultuurgewassen als vruchtbomen. De bestuiving bij fruitbomen kan gebeuren door de wind, maar het belangrijkste deel gebeurt door bestuiving via insecten. De fruittelers zorgen dus dat de fruitbomen voor een groot deel worden bestoven door imkers met hun bijenkorven in te huren. Honingbijen worden gezien als de bestuivers van fruitbomen, maar ook andere insecten bestuiven cultuurgewassen en wilde bloemen. Ook hommels, (zweef) vliegen & muggen, wantsen, kevers, en vlinders zijn net zo nuttig en zorgen voor deze bestuiving. Zo leveren bijvoorbeeld hommels de belangrijkste bijdrage voor de optimale bestuiving van sommige appelbomen en tomaten in kassen. Zeker een kwart van de bestuiving bij fruitbomen gebeurd door wilde bestuivers. Alleen bij appels al is dat zeker wel 50% afhankelijk van de wilde bestuivers.

Hommels zijn een bijensoort

De honingbij, die door imkers gehouden wordt en honing maakt is niet de enige bijen soort in Nederland. Er zijn zo’n 360 in verschillende bijensoorten en deze leven allemaal in het wild, zonder imker. Zo zijn hommels bijvoorbeeld ook bijen. Alleen al de Aardhommel telt in Nederland al 29 verschillende soorten. Hommels leven net als honingbijen in kolonies, maar de rest van de wilde bijen zijn solitair en leven dus alleen. Zo zijn er bijvoorbeeld ook metselbijen, zandbijen, behanger-bijen en groefbijen.

Wij zijn afhankelijk voor ons voedsel van de insecten

Van de gewassen die wij eten is 2/3 afhankelijk van bestuiving door insecten. Voor de landbouw heeft de bestuiving een enorme economische waarde, wereldwijd ligt elk jaar op zo’n $ 500 miljard. Sommige insecten zijn gebonden aan bepaalde plantensoorten en sommige fruitsoorten als de aardbei moet op de juiste manier bestoven worden om een mooie vrucht te vormen. Zo wordt de vrucht van de aardbei alleen mooi gevormd indien alle stampers apart bestoven worden, zo niet dan wordt de vrucht niet mooi gevormd en krijg je een minder mooie en vaak kleinere aardbei. Zo is de metselbij een goede vroege bestuiver in het voorjaar voor blauwe bessen, nog voordat de honingbij echt actief is.

Vogels eten schadelijke rupsen

De natuur zorgt dus voor een belangrijk deel voor de bestuiving van onze cultuurgewassen en die moeten dan ook worden aangetrokken door insecten huizen (insecten hotel) voor onderdak en wilde bloemen zodat ze niet verhongeren als de bloei van het cultuurgewas voorbij is. Ook vogels zijn belangrijk om schadelijke insecten als rupsen (processie rups) op een natuurlijke manier tegen te gaan. Huisvesting als vogel huisjes voor o.a de koolmees is dan ook belangrijk, naast bomen en struiken waar ze ook nog ander voedsel kunnen vinden na de oogst.

Landbouwgif kan funest zijn voor insecten en vogels

De combinatie van bestuiving van insecten en gewasbeschermingsmiddel is minder gelukkig. Veel insecten gaan dood door vooral insecticiden en vogels die deze insecten eten of bespoten zaden, kunnen hierdoor uiteindelijk doodgaan. Landbouw gif is ook niet goed voor de mens en de natuur. Daarom is het overschakelen van grootschalige landbouw met monocultuur met veel bemesting, naar biologische landbouw en zo nodig, kleinschalige landbouw met wisselgewassen de oplossing. Ook moeten de struiken, hagen of boomwallen langs landbouwpercelen worden behouden of aangeplant, om vogels en insecten aan te trekken. Ook stroken met wilde bloemen kunnen de dieren of insecten voldoende voedsel geven het gehele jaar rond. Bijen zijn de insecten die wel een kilometer ver van de nestkast af vliegen, de wilde insecten gaan meestal niet zo ver van hun nest. Belangrijk is dat de bloem en boomwallen niet te ver van het (biologische) cultuurgewas afliggen en liefst deze aan een gesloten liggen.

Het voorjaar

Verder kan er pas laat in het voorjaar de bermen en stroken met bloemen gemaaid worden, om er zeker van te zijn dat er genoeg schuil en voedsel gelegenheden overblijven. Soms kan zelfs een hoop met grofzand een uitkomst bieden om wilde bijen aan te trekken, om daar hun nest in te maken. Alles in het belang van de natuur, maar ook zeker onze voedsel voorziening.